Wij zijn de kaarsenmakers, jij bent de kaarsenbrander. We willen natuurlijk dat jij zo goed, veilig en lang mogelijk van je kaars geniet. In de kaarsenstudio testen we constant onze verschillende kaarsen op de brandtijd en lontgrootte. En tijdens deze testen zijn we achter een aantal zaken gekomen die we met jou als kaarsenliefhebber willen delen. Het is een verzameling van de beste tips om je kaarsen helemaal mooi en veilig te branden.

Onze tips om je kaarsen goed te branden

  1. Houd je lont kort
  2. Smelt de was laag voor laag
  3. Brand de kaars niet te lang
  4. Houd de lont in het midden
  5. Laat een klein laagje was over
  6. Blaas je kaars niet uit maar doof hem

Wil je weten hoe je het beste aan de slag kan met deze tips? Hieronder lees je meer over de tips zodat je het beste jouw kaarsen kan branden!

1. Houd je lont kort

Laten we beginnen met deze brandtip, misschien wel belangrijkste, om je kaars goed op te branden. Deze kan je namelijk 4-5 branduren extra opleveren!

Het voelt misschien een beetje raar om je lontje zo kort te houden. Maar doordat je hem kort houdt is de vlam wat kleiner en smelt de kaars veel rustiger en langzamer. Hoe groter de vlam, hoe warmer je kaars en hoe sneller de was verdampt. Breek of knip daarom voor elkaar brand beurt je lont af tot maximaal 1 cm.

2. Smelt de was laag voor laag

Het laatste dat je wilt met je fijne nieuwe kaars is dat ‘ie niet helemaal op brandt. Super zonde! Wanneer er aan de zijkanten nog was zit wanneer de kaars op is, is er sprake van “tunneling”.

Bij onze soja kaarsen zou dat dit niet mogen gebeuren omdat de was snel vloeibaar wordt en we de juiste grootte lont hebben. Toch is het goed om de bovenste laag helemaal te laten smelten als je de kaars voor het eerst aansteekt.

Het kan zijn dat de eerste paar branduren doen lijken alsof je kaars aan het tunnelen is. Dat komt doordat de glazen een beetje een “V” vorm hebben. Je zult merken dat wanneer je meer richting het midden komt, het glas wat warmer wordt en de was uiteindelijke ook mooi wegsmelt.

3. Brand de kaars niet te lang

Een van de tips om je kaarsen langer te branden: brand de kaars niet te lang achter elkaar. Want ook als er geen vlam meer is, geurt de gesmolten laag was nog heerlijk na.

Als je de kaars lang achter elkaar brandt, komt de lont wat meer vrij en wordt de vlam sterker. Dit zie je aan de “champignon-vorm” en grootte van de vlam, en dit zorgt ervoor dat de was sneller smelt dan nodig is. Daarnaast kan een grote vlam zorgen dan hij gaat roken en krijg je zwarte vegen op je glas.

Het is dus belangrijk om de lont regelmatig een stukje te trimmen om dit te voorkomen. Brand hem daarom niet langer dan 4 uur. Eén tot twee uur is volgens ons een mooie tijd.

4. Houd de lont in het midden

Lontjes kunnen de neiging hebben om een kant op te vallen. Als dat gebeurt en één kant van de kaars smelt sneller dan de andere, wip het lontje dan even de andere kant op.

Als je kaars bijna op is (de onderste laag was is vloeibaar), kan het zijn dat de lijm waarmee het lontje vastzit wat losser komt. Je lontje kan dan gaan schuiven en tegen de rand aankomen als je de kaars uitblaast. Zorg er daarom voor dat je het glas niet verschuift als de was nog vloeibaar is en doof de kaars in plaats van ‘m uit te blazen (zie tip 6).

5. Laat een klein laagje was over

Ja, het glas wordt heet! Het blijft vuur dus pas op. Het is daarom slim om een klein laagje was in je glas te laten staan voordat je hem voor de laatste keert uitmaakt. Zo bescherm je de onderkant van het glas tegen de directe hitte van de vlam.

Natuurlijk zorg je er ook voor dat jouw kaars op een vuurvaste ondergrond staat als er zeker van wilt zijn dat je geen kringen krijgt.

6. Blaas je kaars niet uit maar doof hem

Hè? Maar hoe moet ik hem dan uitmaken?! Nou, als je de kaars uitblaast kan ‘ie een beetje roken of kan het lontje verschuiven zoals uitgelegd bij tip 4. Onze laatste tip van de tips om je kaarsen goed te branden: Wat je het beste kunt doen is het lontje onderdompelen in de vloeibare was met een lucifer of stokje en hem daarna weer rechtop zetten.